Anton Bosch – 71 jaar
Woont sinds een half jaar in Vaassen
Zelf heb ik geleerd dat mijn kracht zit in organiseren en doorzetten. Ik ben ingetogen en introvert, maar als ik iets wil, dan gaat het gebeuren
Mijn jeugd in Welsum
Ik heb 68 jaar in Welsum gewoond. Ik ben er geboren, opgegroeid en naar de basisschool gegaan. Mijn jeugd was mooi en onbevangen. In de winter herinner ik me hoe de sneeuw door de oostenwind tussen de heggen langs de IJsseldijk werd opgehoopt, waardoor de weg naar school soms volledig geblokkeerd was. We zaten met slechts vier kinderen in de klas.
Ik was het nakomertje in ons gezin. Mijn broer is twaalf jaar ouder en mijn zus zeven jaar. Beiden zijn inmiddels weduwe/weduwnaar. Mijn ouders hadden een gemengd boerenbedrijf met koeien, varkens, kippen en landbouw. Zelfs geneeskrachtige kruiden werden toen nog verbouwd, want daar werden boeren in die tijd toe aangespoord. Zelf had ik geen belangstelling om de boerderij over te nemen.
Organiseren en ondernemen
Al jong begon ik met organiseren. Op de ULO kwam het idee op om voor de bevolking van Welsum in drie schoollokalen activiteiten op te zetten: in het ene lokaal voor kinderen en jongeren, in het tweede voor senioren met doe-activiteiten en in het derde werden gesprekken gevoerd. Dat samen iets bedenken, mensen samenbrengen en verantwoordelijkheid nemen, zit in mij als mens.
Na de middelbare school volgde ik een MBO-opleiding in Zwolle, gericht op commercie en economie. Vervolgens ging ik werken bij een uitzendbureau in Deventer. Ik werd er manager en had zo’n negentig tot honderd mensen aan het werk. Ik had er een aantal jaren een goed team. Door dit werk kwam ik ook terecht bij de Club van 100 van Go Ahead Eagles.
Later stapte ik over naar de wereld van honden- en kattenvoer. Dat begon toevallig. Een medewerker vertrok naar Amerika en er en zij zocht een opvang voor haar hond. Zelf had ik ook een hond en ik begon na te denken: mensen die hun hond tijdelijk kwijt moeten, waar kunnen die terecht? Ik bouwde hokken op de boerderij van mijn vader om honden tijdelijk op te vangen. Tegelijkertijd werkte ik onder anderen bij Rodi in Noord-Holland en Nedac Sorbo, en later bij Vitakraft. Met die laatste directeur klikte het niet en uiteindelijk moest ik vertrekken. Dat was moeilijk, maar doordat ik zoveel andere activiteiten had, had ik gelukkig veel afleiding.
In 2001 begon ik als zelfstandige met de import van premium huis-diervoeding. Ik werkte vooral samen met de Duitse bedrijven bosch-Tiernahrung, DIBO-Tierkost en later ook met Brauerei Bosch op het gebied van speciaal bieren. Het hondenvoer verkocht ik onder mijn eigen familienaam Bosch, het kattenvoer onder de naam Sanabelle. Na vijfentwintig jaar zelfstandig ondernemerschap heb ik besloten om per 1 juli 2026 te gaan stoppen.
Jannie en mijn gezin
Mijn vrouw Jannie leerde ik in 1970 kennen bij een opname van Avro’s Toppop in Okkenbroek. Ze ging naar school in Espelo. Toen we gingen trouwen, zeiden we: jouw familie komt uit die hoek, mijn familie bij de IJssel, dus we vieren de bruiloft in Wesepe, ongeveer in het midden. Samen kregen we drie kinderen. Ivo runt een administratiekantoor in Deventer en combineert dat met extern werk. Arno werd paardenzadelmaker en werkte zelfs in Dubai voor internationale klanten. Diane koos, net als haar moeder, voor de kinderopvang en heeft twee dochters.
Gemeenschap
Mijn betrokkenheid bij de gemeenschap is groot geweest. Ik was voorzitter van de sportvereniging, ik speelde toneel bij de Harmonie, en ik was het langst zittende bestuurslid van het dorpshuis. Daar organiseerden we veel activiteiten en richtten we nieuwe clubs op, zoals het Welsums Cultuurgenietschap, waar (van de website): ‘Het doel was en is om ieder, die Welsum een warm hart toedraagt en de Welsumse cultuur wil beschermen en uitdragen en zich daarvoor daadwerkelijk wil inzetten in een genietschap bijeen te brengen. Ter afsluiting van de bijeenkomst zijn de aanwezige leden verplicht een zelfgemaakte limerick, rijmdicht of ander ‘literair’ geknutsel voor te dragen. Onder het genot van een (non-)alcoholische versnapering worden ondertussen alle maatschappelijke ontwikkelingen besproken en -problemen opgelost’.
In 1997 startte ik de klootschietclub, die tot vandaag 22 leden telt. Elke veertien dagen komen we bij elkaar, en dat geeft binding en plezier. Ook nam ik het initiatief voor een besturentoernooi, dat later is uitgegroeid tot het Alleskunner-toernooi, waar wel 150 à 160 mensen aan meedoen. De Zaalvoetbalafdeling en de Volleybalnacht zijn nog andere initiatieven. Daarnaast was ik nog meer dan 30 jaar speaker van de jaarlijkse Corso Optocht in Welsum.
Daarnaast was ik langstzittende voorzitter èn bestuurslid van de Overijsselse Vereniging van Kleine Kernen. Ik hielp plaatselijke belangen en buurt- en dorpshuizen bij het realiseren van hun plannen. Dat werk vond ik mooier dan het wethouderschap dat ik ook heb gedaan. Het leukste vond ik dat ik daadwerkelijk iets kon helpen realiseren. Er was een cultuur van ‘doen’. Wat er ook speelde, in het weekend nam ik altijd Jannie mee. Wij kwamen overal samen. Als ze niet mee was, zeiden mensen: ‘Anton, waar is Jannie?’. Zonder haar had ik al deze dingen niet kunnen doen. Zij gaf mij hiervoor de ruimte.
Biljarten werd later een belangrijk sociaal anker. Dat begon bij meneer Ten Dijk, die na het overlijden van zijn vrouw nieuwe contacten zocht. Samen met een vriend regelden we een biljart en al snel kwamen er meer mensen spelen. Na verloop van tijd speelde ik zowel in Olst als in Welsum. In 2023 zorgde ik ervoor dat het biljart van café Ripperda naar het dorpshuis in Welsum werd verplaatst, zodat we daar ook konden spelen. Nu biljart ik wekelijks in het Holstohus in Olst en Dorpshuis Welsum. Zo hou ik nog de verbinding met mijn geboortegrond en de mensen daar.
Verandering
Als ik terugkijk, zie ik dat de Welsumse gemeenschap sterk is veranderd. In de jaren ’80 en ’90 was er veel saamhorigheid. Mensen hielpen elkaar, boeren leenden elkaar machines en sprongen bij tijdens het hooien. Tegenwoordig is het afstandelijker en killer. Nieuwe bewoners brengen andere gewoonten mee, mensen zijn mobieler en social media trekt de aandacht weg van elkaar. Ik maak me zorgen dat die kilheid zich doorzet, zeker als voorzieningen en activiteiten verdwijnen.
Thuisvoelen
Welsum blijft een prachtig dorp. Kleinschalig, rustig, met veel ruimte en natuur. Maar er zijn nauwelijks voorzieningen, alleen een dorpshuis en een school. Jannie en ik hebben altijd gezegd: we willen hier niet oud worden. Op 1 maart 2025 verhuisden we naar Vaassen, op slechts vijfhonderd meter van onze dochter. Daar hebben we alles op loopafstand, wat voor later belangrijk is. Ik vond het niet moeilijk om naar Vaassen te verhuizen. Ook hier voel ik mij thuis. Voor mij betekent thuis: een plek van geborgenheid en voorspelbaarheid, waar ik mezelf kan zijn en waar de vrouw woont van wie ik hou. Eerst was dat Welsum, nu is dat Vaassen.
Wens voor de toekomst
Zelf heb ik geleerd dat mijn kracht zit in organiseren en doorzetten. Ik ben ingetogen en introvert, maar als ik iets wil, dan gaat het gebeuren.
Nu breekt een nieuwe fase aan. Ik heb oogtia gehad, waardoor ik in één oog een zwart balkje zie en ’s avonds geen auto meer rijd. Ik mis het fietsen naar de herensociëteit Nuts Neut in Olst, waar we eens per maand samen maatschappelijke problemen bespreken en vaak oplossen. Toch blijf ik zoveel mogelijk actief. Onder andere met walking voetbal, zwemmen en wandelen.
Voor de toekomst heb ik nog wensen. Volgend jaar april hoop ik met het hele gezin naar Bonaire te gaan, naar de zus van Jannie. Ook zou ik graag een keer Amerika bezoeken, en naar Madeira waar mijn nichtje Janine woont. Het belangrijkste blijft echter gezond blijven, samen met mijn vrouw, onze kinderen en kleinkinderen. Zolang we dit leven zo kunnen voortzetten en we de kleinkinderen zien opgroeien, ben ik tevreden.
– Verhaal opgeschreven door Milou Daniëls –