Op 3 april kwamen we samen op de prachtige locatie Concordia om met elkaar vooruit te kijken naar de nieuwe beleidsperiode. Centraal stond de samenwerking tussen cultuurcoaches, OBI-instellingen, theaters en de penvoerders. Na een gezamenlijke aftrap, waarin we kort ingingen op de nieuwe regeling en elkaar beter leerden kennen, zijn we in twee werkgroepen – communicatie en vervoer – dieper op de praktijk ingegaan. De belangrijkste conclusies lees je hier.
Er is veel energie en betrokkenheid rondom cultuureducatie, en dat biedt mooie kansen. Tegelijkertijd zien we dat de communicatie soms versnipperd is, waardoor boodschappen niet altijd goed aankomen bij alle betrokkenen – van penvoerders en cultuurcoaches tot scholen.
Scholen geven aan behoefte te hebben aan duidelijke, tijdige en volledige informatie over bijvoorbeeld inhoud, planning, kosten en lesmateriaal. Zo kunnen ze cultuureducatie goed inpassen binnen de beperkte tijd die daarvoor beschikbaar is.
Cultuurcoaches spelen hierin een onmisbare rol: zij vormen de verbindende schakel tussen OBI’s, scholen en theaters. Direct contact met ICC’ers blijkt effectief. Het aansluiten bij ICC-overleggen kan een waardevolle kans zijn.
Er is behoefte aan structurele afstemming en een heldere rolverdeling. Door bijvoorbeeld jaarlijks samen afspraken te maken, kunnen we zorgen voor overzicht, duidelijkheid en een soepele samenwerking.
Vervoer speelt een cruciale rol in de toegankelijkheid van cultuureducatie, zeker voor scholen in kwetsbare wijken en kleinere kernen. Wanneer vervoer goed geregeld is, zien we een toename in deelname aan culturele activiteiten.
Tegelijkertijd zijn de verschillen tussen regio’s nu groot. Sommige gemeenten hebben het vervoer goed georganiseerd, terwijl andere nog op zoek zijn naar passende oplossingen. Scholen geven aan dat zij graag ontzorgd willen worden op dit vlak.
De huidige financiering van € 30.000 is helaas niet voldoende om voor structurele oplossingen te zorgen. Er is behoefte aan een eerlijke verdeling over de regio’s.
Ook praktische zaken zoals reistijd en continuroosters vragen om slimme oplossingen. Een regionale aanpak met oog voor maatwerk incl. fondsenwerving, betere bekendheid van regelingen en de coördinatie van vervoer is zeer gewenst.
Om te bepalen hoe we omgaan met onze doelgroepen, waaronder de OBI en de cultuurcoaches, zoomen we in deze beleidsperiode eerst uit. Aan de hand van een grootschalig onderzoek van het LKCA naar het cultureel leerecosysteem kijken we vanuit dit perspectief naar hoe wij omgaan met al onze partners in het culturele ecosysteem van Overijssel.
Uit dit onderzoek blijkt dat het centraal stellen van het kind – essentieel voor een florerend cultureel ecosysteem – voor culturele instellingen niet vanzelfsprekend is. De nadruk ligt vaak te veel op infrastructuur en samenwerkingsverbanden. Hoe zit dat bij ons? Wat doen we al en wat zouden we nog kunnen doen om het ecosysteem te laten floreren?
Door middel van interne sessies beantwoorden we deze vragen voor onszelf, om vervolgens scherpe keuzes te maken in hoe we met onze partners willen samenwerken en daarbij de ontwikkeling van het kind niet uit het oog te verliezen.